STERBAI
- Temperature: 20–28°C
- pH: 5.5–7.5
- Hardness: 2–6 GH, 1–1.5 KH
- Stroming / Flow: Slow / Traag
- Verlichting / Lighting: Laag / Low
- Voeding / Food: Omnivoor / Omnivores
BESCHRIJVING / DESCRIPTION
The Hoplisoma Sterbai is a popular freshwater catfish, known for its dark body covered in fine white spots and its distinctive orange pectoral fins. This species thrives in soft to slightly acidic water and naturally inhabits warm, slow-moving environments. They typically grow to about 5–7 cm in length. Sterbai corydoras are peaceful, social bottom dwellers that do very well in community aquariums with other calm species. They are omnivores and easy to feed, readily accepting sinking foods such as tablets and granules, supplemented with live or frozen foods like bloodworms and brine shrimp. A varied diet supports their health and activity, making them a popular choice for both beginner and experienced aquarists.
De Hoplisoma Sterbai is een populaire zoetwatermeerval, bekend om zijn donkere lichaam met fijne witte stippen en opvallende oranje borstvinnen. Deze soort voelt zich het best in zacht tot licht zuur water en komt van nature voor in rustig stromende, warme wateren. Qua grootte worden ze meestal 5–7 cm lang. Sterbai corydora’s zijn vreedzame, sociale bodembewoners die uitstekend passen in een gezelschapsaquarium met andere rustige soorten. Het zijn omnivoren en eenvoudig te voeren met zinkend voer zoals tabletten, granulaat en aangevuld met levend of diepvriesvoer zoals rode muggenlarven en artemia. Een gevarieerd dieet draagt bij aan hun gezondheid en activiteit, wat hen tot een geliefde keuze maakt voor zowel beginnende als ervaren aquarianen.
Breeding Hoplisoma Sterbai largely depends on proper preparation. During this phase, it is important to provide continuous (preferably 24/7) access to varied, natural foods so the fish can build sufficient energy reserves. The water temperature should be maintained between 22–24 °C. After about two weeks, the temperature can be increased to around 26 °C for one week (recommended but not essential). During these three weeks, the pH should remain relatively neutral (6.5–7.5).
This is followed by a day of fasting and then a cooler water change of 18–20 °C, preferably using rainwater or demineralized water to simulate the onset of the rainy season. After this water change, a temporary drop in pH is acceptable, as long as there is no sudden crash.
I personally prefer using “reversed trios” (2 males to 1 female) in smaller breeding setups, or multiples of this ratio. The males stimulate the female to spawn, while females that receive less attention are more likely to eat the eggs of others.
Eggs are typically laid in small groups of 3–5, rarely in larger clusters. They are often deposited on plants such as Anubias or on the aquarium glass, usually in areas with some flow. Depending on tank mates, it is advisable to remove the eggs. If doing so, you can add 1–2 freshwater shrimp to help prevent fungal growth, or use a combination of eSHa Exit and eSHa 2000.
Het kweken van Hoplisoma Sterbai hangt sterk af van een goede voorbereiding. Tijdens deze fase is het belangrijk om continu (bij voorkeur 24/7) gevarieerd, natuurlijk voedsel aan te bieden, zodat de vissen voldoende reserves kunnen opbouwen. De watertemperatuur ligt in deze periode idealiter tussen 22–24 °C. Na ongeveer twee weken kan de temperatuur gedurende één week verhoogd worden tot circa 26 °C (aanbevolen, maar niet strikt noodzakelijk). Gedurende deze drie weken blijft de pH relatief neutraal (6,5–7,5).
Daarna volgt een dag vasten, gevolgd door een koelere waterwissel van 18–20 °C, bij voorkeur met regenwater of gedemineraliseerd water om het regenseizoen te simuleren. Na deze waterwissel mag de pH tijdelijk iets dalen, zolang er geen plotselinge crash optreedt.
Persoonlijk werk ik graag met “reversed trio’s” (2 mannen op 1 vrouw) in kleinere kweekopstellingen, of veelvouden daarvan. De mannetjes stimuleren het vrouwtje tot afzetten, terwijl vrouwtjes zonder voldoende aandacht eerder geneigd zijn eieren van soortgenoten op te eten.
De eieren worden meestal afgezet in kleine groepjes van 3–5 stuks, zelden in grotere clusters. Vaak kiezen ze hiervoor planten zoals Anubias of het aquariumglas, bij voorkeur op plekken met lichte stroming. Afhankelijk van de medebewoners is het aan te raden de eieren te verwijderen. In dat geval kan men 1–2 zoetwatergarnalen toevoegen om schimmelvorming te beperken, of gebruikmaken van een combinatie van esha Exit en esha 2000.
SELECTIE / SELECTION